Stimulering woningbouw: De rol van de provincie in beeld
Er is een groot tekort aan woningen in Nederland, vooral aan betaalbare woningen. Het woningtekort komt onder andere door een groeiende bevolking, veranderende samenstelling van huishoudens en de aanwezigheid van knelpunten die de bouw van woningen hinderen of vertragen. Zelfs als er in de komende jaren veel gebouwd wordt, duurt het lang voordat de achterstand is ingehaald. Daarom neemt de overheid sinds 2022 meer regie om het bouwen van voldoende, betaalbare en passende woningen te versnellen.
Het bouwen van woningen is een gezamenlijke opgave van Rijk, gemeenten, provincies, woningcorporaties en marktpartijen. De provinciale rol in de totale woningbouwopgave is relatief beperkt, maar wel van belang. Enerzijds heeft de provincie een verplichte ruimtelijke rol waarbij zij verschillende belangen, waaronder woningbouw, moet afwegen en moet vastleggen waar wel en niet gebouwd mag worden. Anderzijds kan de provincie zelf bepalen of en hoe ze de uitvoering van woningbouw wil stimuleren.
De Randstedelijke Rekenkamer onderzocht de stimulerende rol van de provincies Flevoland, Noord-Holland, Utrecht en Zuid-Holland bij woningbouw. Het onderzoek richt zich op vijf soorten instrumenten waarmee de provincie woningbouw kan stimuleren: subsidies voor extra personele capaciteit, subsidies voor het financieren van tekorten bij woningbouw, monitoring van de voortgang bij woningbouw, overleg over de voortgang van woningbouw en onderzoek en kennisdeling.
Centrale onderzoeksvraag
Hoe verloopt de provinciale inzet om woningbouwrealisatie te stimuleren en knelpunten op te lossen?
Rekenkamerrapport
Rekenkamer(commissie) | Randstedelijke Rekenkamer |
Provincie(s) | Zuid-Holland |
Ingestuurd door | Kasia Jurago |
Onderzoek door | Rekenkamer zelf |