Landelijke Kenniskring (vh Kring Secretarissen/Onderzoekers)
U kunt zich aanmelden voor deze bijeenkomst via een e-mail aan: rekenkamercommissie@haarlem.nl
U kunt zich aanmelden voor deze bijeenkomst via een e-mail aan: rekenkamercommissie@haarlem.nl
De NVRR Kring Noord nodigt u hierbij uit voor haar voorjaarscongres op vrijdag 23 mei a.s. vanaf 13.30 uur in Emmen (Raadhuisplein 1). Het thema op deze middag is Innovatief Rekenkameronderzoek 2.0. Vernieuwende vormen van onderzoek en vernieuwende vormen van presentatie en aanbieding zullen aan bod komen deze middag.
Opgeven voor de bijeenkomst kan via jrijpma@leeuwarden.nl. Deelname is gratis.
Rekenkamers en rekenkamercommissies zijn soms al meer dan tien jaar bezig met het doen van gedegen onderzoek naar feiten en een stevig gefundeerde presentatie van conclusies en aanbevelingen.
Inhoudelijke vernieuwing
De laatste jaren zien we voorzichtig dat rekenkamers de grenzen opzoeken van hun traditioneel toebedeelde onderzoeksrol. Nieuwe typen onderzoek zoals de beleidsbrief, meta-evaluatie en belevingsonderzoek vragen ook om vernieuwende en aanvullende onderzoeksmethoden en technieken.
De onderzoeksvorm van een beleidsbrief over of meta-evaluatie van een actuele onderwerp (zoals nu bijvoorbeeld de transitie in het sociale domein) kan vormgegeven worden door een samenvatting of bloemlezing te geven en procesadvies aan de raad op basis van ervaringen elders en eerder onderzoek.
Belevingsonderzoek is daarbij niet alleen op pure feiten gebaseerd maar wil juist ook het minder objectief vast te stellen “gevoelen” rond het onderzoeksonderwerp van bijvoorbeeld de burgers weergeven.
Met alle nieuwere vormen van onderzoek verandert ook het doen van onderzoek zelf. De methoden van onderzoek gaan van traditioneel feitenonderzoek naar:
Moderne en krachtige presentatietechnieken
De meeste rapporten zijn degelijk maar minder flitsend vormgegeven. Bovendien nodigt een dik rapport niet altijd uit tot lezen. Een rekenkamerrapport is echter een fantastisch moment om naast het informeren, doelgroepen te verrassen en uit te dagen de handschoen op te nemen.
Er kan waarde aan een Rekenkamerrapport worden toegevoegd door bijvoorbeeld:
Hier zijn sociale media zoals facebook en twitter, apps en multimedia goede instrumenten om dit te bereiken. Denk ook aan het gebruik van infographics die er voor kunnen zorgen dat conclusies en aanbevelingen van het rapport beter worden begrepen en onthouden. De kracht van een infographic is dat je veel informatie in een oogopslag tot je kan nemen. Een beeld zegt immers meer dan 1000 woorden. Versimpelen kost echter wel tijd…
In ons middagprogramma laten we mensen aan het woord die de vernieuwende onderzoektechnieken en presentatievormen al hebben toegepast. Graag nodigen we de deelnemers uit van de sprekers te ervaren wat de nieuwe vormen betekenen en opleveren en ook om in discussie te gaan over de zin en onzin van een rekenkamer 2.0.
Programma:
|
13.30-14.00 Ontvangst 14.00-14.15 Opening door burgemeester Cees Bijl gemeente Emmen 14.15-14.40 Inleiding Vernieuwend onderzoek 2.0 – Julien van Ostaaijen docent Tilburg University (Politiek en Bestuur) en secretaris rkc gemeente Peel en Maas (bijv. stads/burgerpanels, online enquête, beleidsbrieven / meta-evaluatie en/of belevingsonderzoek) 14.40-15.10 Discussie over stellingen van Julien van Ostaaijen 15.10-15.30 Pauze 15.30-15.55 Inleiding Onderzoekspresentatie 2.0 – Werner Zuurbier vz rkc Groningen en vz rkc Tysjerksteradiel (Moderne presentatievormen: workshop voor de raad, prezi, youtube-video, animatie, infographic, facebook, twitter, linkedin, app) 15.55-16.25 Discussie over stellingen van Werner Zuurbier 16.25-16.35 Terugkoppeling Ina Middelkamp en afsluiting Michiel Herweijer 16.35 Hapje en drankje
|
We willen de groepsdiscussie na elke inleiding met enkele uitgesproken stellingen ondersteunen. En natuurlijk willen we dit ook vernieuwend en interactief doen. Daarom vragen wij u zo mogelijk uw smartphone, iPad of andere tablet dan wel een laptop met wifi mee te nemen op deze dag. Uw mobiele apparaat kan dan als stemkastje dienen. Nadere uitleg volgt op de dag zelf.
De Rekenkamer Nijmegen heeft in het ‘Lexicon van begroting en jaarstukken’ een toelichting gegeven op de meest voorkomende begrippen in en rond de begroting en de jaarstukken. Zij heeft dit Lexicon gemaakt om de gemeenteraad te ondersteunen bij de invulling van zijn budgetrecht. In zijn meest simpele betekenis houdt dit recht in dat de raad over het geld gaat en dat het college tot taak heeft de begroting uit te voeren en daarover aan de raad verantwoording af te leggen. In de praktijk is het budgetrecht met talrijke wettelijke regels omgeven. Deze zijn zeker voor niet deskundigen soms moeilijk te doorgronden. De Rekenkamer Nijmegen probeert in het Lexicon de taal rond deze regels uit te leggen en hoopt dat daarmee ook voor raadsleden de achtergrond en de betekenis ervan begrijpelijk gaat worden.
Met deze wikipagina linken wij direct door naar het Lexicon, zodat ook raadsleden uit andere gemeenten (en rekenkamer(commissie)s bij het doen van onderzoek) er gebruik van kunnen maken. Voor vragen of opmerkingen kunt u een mail sturen naar rekenkamer@nijmegen.nl. Er wordt dan zo snel mogelijk contact met u opgenomen.
Onder leiding van de dagvoorzitter mevr.Van Zanen-Nieberg, directeur van de Audit Dienst voor het Rijk Gaan de deelnemers nadenken over de vraag hoe controllers, auditors en toezicht-houders met elkaar kunnen samenwerken.
Naast het bespreken van dit thema vanuit de de disciplines control en audit zal ook de bestuurder zijn licht laten schijnen op dit thema. Verschillende deskundigen zullen met elkaar in debat gaan, waarbij de zaal kan meedoen.
Gedurende de dag komen een aantal publieke organisaties die de afgelopen jaren in de publiciteit zijn gekomen aan bod, zoals Amarantis, SS Rotterdam en InHolland. Wat was hierbij de rol van de controller, auditor en toezichthouder? Welke lessen zijn er geleerd, maar vooral wat kunnen we met elkaar doen om dergelijke gevallen te voorkomen?
Het belooft een zeer interessante dag te worden. Het congres staat open voor iedereen die zich met deze thematiek verbonden voelt.
Locatie van het congres is Madurodam in Den Haag. Als deelnemer hebt u vanaf 9.00 uur toegang tot het park en kunt u genieten van de kleinste stad van Nederland.
Lees meer over het programma en de wijze van aanmelden.
NB: Als lid van de NVRR krijgt u €200 korting op de entree.
Op woensdag 2 april a.s. start de 5-daagse cursus Rekenkameronderzoek 2014, voor meer informatie zie de website van de EUR.
Cursusdagen zijn op 2, 3, 4, 16 en 17 april 2014.
Op woensdag 2 april a.s. start de 5-daagse cursus Rekenkameronderzoek 2014, voor meer informatie zie de website van de EUR.
Cursusdagen zijn op 2, 3, 4, 16 en 17 april 2014.
Op woensdag 2 april a.s. start de 5-daagse cursus Rekenkameronderzoek 2014, voor meer informatie zie de website van de EUR.
Cursusdagen zijn op 2, 3, 4, 16 en 17 april 2014.
Op woensdag 2 april 2014 start de 5-daagse cursus Rekenkameronderzoek 2014, voor meer informatie zie de website van de EUR.
Cursusdagen zijn op 2, 3, 4, 16 en 17 april 2014.
Op donderdag 13 maart 2014 van 15.00 tot 16.00 uur houdt de Algemene Rekenkamer, samen met de Randstedelijke Rekenkamer en de Rekenkamer Nijmegen, een webinar over hoe subsidies beter geëvalueerd kunnen worden op effectiviteit. Dit online seminar biedt handreikingen voor lokale rekenkamers die hun gemeente/provincie willen aansporen tot betere subsidie-evaluaties of die zelf aan de slag willen met een subsidie-evaluatie. Tijdens het webinar gaan we onder meer in op:
Het webinar is bedoeld voor lokale rekenkamer(commissie)s. Ook beleidsmedewerkers bij gemeenten en provincies zijn uitgenodigd aan het webinar deel te nemen. Deelname aan het webinar is gratis. Uiteraard kunt u tijdens het webinar online vragen stellen aan de sprekers: Gerth Molenaar (Randstedelijke Rekenkamer), Jelly Smink (Rekenkamer Nijmegen) en Nynke de Witte (Algemene Rekenkamer). Wel is het noodzakelijk dat u zich hiervoor registreert. U kunt het webinar ook op een later moment bekijken. Ook daarvoor moet u zich registeren. Mail hiervoor naar webinar@rekenkamer.nl. U ontvangt vervolgens een bericht, zodra de inschrijving is geopend.
Op 2 april 2014 zal in Zoetermeer een ambitieus congres met de titel “Kennisintensieve Beleidsontwikkeling in Praktijk” plaatsvinden. ScienceWorks zal dit congres organiseren. Wim Derksen zal het congres voorzitten, dat primair ingaat op de vraag hoe kennis en beleid meer structureel aan elkaar verbonden kunnen worden. In de bijlage treft u het meest recente concept programma aan en nadere inhoudelijke informatie over het congres.
Ik wil graag doorgeven dat de volgende bijeenkomst van de landelijke kring Secretarissen & Onderzoekers is op dinsdag 11 februari van 10.00-12.45 uur op het stadhuis Utrecht zaal 0.18
U kunt zich aanmelden voor deze bijeenkomst via een e-mail aan: rekenkamercommissie@haarlem.nl
Professionele Communicatie
AGENDA – Landelijke KennisKring NVRR (voorheen kring Secretarissen/ Onderzoek)
Datum Donderdag 11 december 2014
Tijd 10.00 u. – 12.45 u.
Locatie Stadhuis Haarlem. Grote Markt 2.
Op donderdag 11 december 2014 organiseert de landelijke kenniskring haar vierde themabijeenkomst voor 2014. De bijeenkomst is vrij toegankelijk. Wel wordt gevraagd je vooraf per email aan te melden: rekenkamercommissie@haarlem.nl. Dit in verband met de lunch.
Het thema van de bijeenkomst is Professionele Communicatie.
Eén van de aspecten waarop de rekenkamerfunctie zich verder kan ontwikkelen is een professionele invulling van de interne en externe communicatie. Rekenkamers kunnen positieve aandacht en waardering creëren voor hun bestaan en hun taak door tijdens en na hun onderzoeken gericht en actief te communiceren. Hierdoor kan de rekenkamer zorgen voor een goede ontvangst en doorwerking van het onderzoeksrapport.
Het doel van de bijeenkomst is te leren van elkaars inzichten en ervaringen zodat onze rekenkamers beter toegerust zijn om de media te gebruiken om de juiste aandacht te genereren voor onderzoeksresultaten.
Voor secretarissen en secretaris/onderzoekers ligt hier een uitdagende taak. U bent van harte uitgenodigd om mee te denken en mee te praten!
Het programma van de dag is als volgt
2. 10.15 – 11.00 u. Professionele communicatie en mediabenadering door de rekenkamer
Inleiding door Henk Buis, HVR Group
Henk Buis verzorgt een inleiding over professionele externe communicatie en mediabenadering. Hij gaat onder ander in op de onderscheiden doelgroepen, de verschillende mediakanalen en hoe je het beste kunt communiceren; het belang van goede persberichten en de juiste perslijst; de rol van social media etc. etc.
3. 11.00 – 11.45 u. De communicatiestrategie van de rekenkamer
Wietske De Jong, senior communicatieadviseur van de Algemene Rekenkamer houdt een korte inleiding over communicatie rondom rekenkameronderzoek.
Zij bespreekt onder ander bij welke fase van een onderzoek welke vorm van communicatie past.
Daarna gaan we o.l.v. Wietske zelf aan de slag met het opzetten van een basis communicatiestrategie voor de rekenkamer. We delen best practices met elkaar zodat we actief van elkaar leren.
4. 12.00 – 12.30 u. In den lande / collegiale feedback
Ruimte om de groep feedback te vragen over een actuele kwestie of kennis/ervaring te delen die voor de groep interessant kan zijn.
5. W.v.t.t.k. / Rondvraag
6. Afsluiting (12.45 u.)
Lunch voor de liefhebbers.
De vereniging Raadslid.nu heeft afgelopen jaar met medewerking van de Nederlandse Vereniging van Rekenkamers en Rekenkamercommissies (NVRR) een onderzoek laten uitvoeren naar de rol die rekenkamers spelen bij signalering en beleidsontwikkeling op integriteitsgebied. Dit onderzoek is uitgevoerd door Petra Habets Advies & Ontwikkeling.
Uit deze verkenning blijkt dat de opvattingen of integriteit wel of niet tot het domein van de lokale rekenkamerfunctie behoort behoorlijk uiteenlopen, dit terwijl bij gemeentebestuurders de behoefte bestaat om meer accent te leggen op de borging van integriteit om zo incidenten te voorkomen en weerbaar te zijn tegen vermeende integriteitskwesties. Investeren in een gedeelde opvatting is daarom nodig.
In de verkenning waarvan u de resultaten hier kunt lezen stond de mening van rekenkamers en rekenkamercommissies zelf centraal.
Uit het onderzoek komt echter naar voren dat er bij rekenkamers zelf behoefte bestaat aan discussie over de rol van rekenkamers en integriteit. Raadslid.nu wil de dialoog verbreden door het organiseren van een rondetafelconferentie waarin rekenkamers zelf in debat gaan met raadsleden en griffiers over de do’s en de don’ts van rekenkameronderzoek naar integriteit. Centraal staat de vraag wanneer en in welke vorm rekenkamers wel onderzoek naar integriteit kunnen doen en wanneer rekenkameronderzoek als instrument minder geschikt lijkt.
Wij nodigen u daarom van harte uit deel te nemen aan deze rondetafel, het aantal plaatsen is echter beperkt. U kunt uzelf aanmelden door het sturen van een mail naar Petra Habets. Aan deelname zijn geen kosten verbonden. Binnen een week na aanmelding ontvangt u een bevestiging.
Beste leden van de NVRR,
Het is ons een genoegen u uit te nodigen voor de Algemene Ledenvergadering van de Nederlandse Vereniging van Rekenkamers&Rekenkamercommissies, welke voorafgaand aan het jaarlijkse congres zal worden gehouden. Vanaf 9.00 uur is de ontvangst. Aanvang van de vergadering is om 9.15 uur en wij hopen uiterlijk om 10.15 uur te kunnen afsluiten. Om 10.30 uur begint het congres.
De stukken voor de Algemene Ledenvergadering worden u niet per post toegestuurd, maar u kunt ze hieronder downloaden.
Met vriendelijke groet,
Nederlandse Vereniging voor Rekenkamer & Rekenkamercommissies
Namens het bestuur,
Caroline Loomans
verenigingsmanager
Op vrijdag 21 november organiseert de NVRR de traditionele najaars ALV in combinatie met een inhoudelijke najaarsbijeenkomst.
Voor de Algemene Ledenvergadering worden alleen de voorzitters – of afgevaardigden – van rekenkamers en rekenkamercommissies verwacht. Kunt u niet persoonlijk aanwezig zijn, kunt u een andere voorzitter machtigen uw stem uit te brengen. U kunt slechts voor één ander lid als gevolmachtigde optreden. Een volmacht is verkrijgbaar bij het secretariaat. Tijdens de ALV, die duurt van 11.30 – 12.30 uur, presenteert het bestuur het jaarplan en de begroting voor 2015 en wordt de nieuwe voorzitter benoemd. U bent welkom vanaf 11.00 uur voor ontvangst en een kop koffie.
De agenda van de ALV en bijbehorende stukken vindt u hieronder.
Na de ALV is een gezamenlijke lunch, waarna om 13.00 uur het middagprogramma begint:
Het middag programma staat ook open voor niet-voorzitters.
Direct na de lunch kunt u met een interactieve workshop ervaren dat digitale veiligheid geen ‘ver-van-mijn-bed-show’ is. U krijgt concrete handvatten hoe de rekenkamer kan bijdragen aan de informatieveiligheid in uw gemeente.
Harro Spanninga en Henk Wesseling van de Taskforce Bestuur en Informatieveiligheid Dienstverlening zetten helder voor u uiteen wat Rijk en VNG doen aan informatieveiligheid (onder andere de VNG-resolutie en de IBD). Watze de Boer, voorzitter Rekenkamer Den Haag, zal samen met Thijs Bosma, projectleider, de ervaringen van het rekenkameronderzoek ‘Digitale Veiligheid’ met u delen. Concreet wordt u beknopt geïnformeerd over aanpak en resultaten in Den Haag en hoe deze ook door andere rekenkamers te benutten zijn.
Na de enerverende wokshop over Digitale Veiligheid sluiten we de middag af met het bekendmaken welk van rapport de Goudvink 2014 heeft gewonnen. Tijdens deze bijeenkomst zal elk van de genomineerde rekenkamers een korte presentatie geven over het onderzoek.
Aanmelden voor de ALV en/of de middag kan via een webformulier.
Vanwege haar 10 jarig bestaan organiseert de rekenkamer het symposium Terugblikken en vooruitkijken in het openbaar bestuur.
Toegang is gratis en alle leden van de NVRR zijn van harte uitgenodigd om het symposium bij te wonen. Wilt u zch hiervoor wel apart aanmelden?
Routebeschrijving naar de Nieuwe Liefde
Strategische doorwerking is de verandering van de machtspositie van één of meerdere (doel)groepen door de uitkomsten van een onderzoek. Hierdoor worden zij beter in staat gesteld hun doelen te bereiken. Van strategische doorwerking is ook sprake als het rekenkameronderzoek een functie heeft gehad in het agenderen van onderwerpen, het versnellen of het vertragen van beleidsprocessen, etc. Wanneer het onderzoek het bestaande beleid ondersteunt, heeft het met name een legitimerende functie.
Uit onderzoek blijkt, dat dit type doorwerking in de praktijk vrij vaak voorkomt.
Waarderend onderzoeken of Appreciative Inquiry (verkort “AI”) is een kwalitatieve onderzoeksmethode die verschilt van traditioneel onderzoeken, doordat zij meer de focus legt op het vergroten van krachten, leren van het verleden en ontwikkelen op successen, dan op wat er niet goed gaat, het corrigeren van fouten, en het oefenen op zwaktes.
Waarderend onderzoek wordt sinds de jaren tachtig van de vorige eeuw toegepast. De grondslag ligt in de Verenigde Staten bij Dr Cooperrider. Sinds de 21e eeuw is het een wereldwijd toegepaste methodologie. De laatste jaren vindt deze aanpak ook in Europa en Nederland groter vervolg. De Auditdienst van het Rijk (ADR) past het inmiddels toe, De Algemene Rekenkamer (ARK) verkent de mogelijkheden en met name de Gezamenlijke Rekenkamercommissie voor de gemeenten Berkelland, Bronckhorst, Lochem en Montferland (RC BBLM) past het toe in haar onderzoek naar de effectiviteit van de uitvoering van de WWB richting WWnV cq Participatiewet.
De onderzoeksaanpak kent 5 Uitgangspunten. De onderzoeksaanpak kent in oorsprong 4 fasen ( 4D’s) en in Nederlandse toepassingen 5 fasen (5V’s). De onderzoeksaanpak voor Rekenkamer(commissie)s kent 6 fasen (6V’s).
AI kent ook andere vormen en toepassingen die voor Rekenkamer(commissie)s goed bruikbaar zijn.
Waarderend onderzoek heeft een andere focus en onderzoeksaanpak dan het traditionele onderzoek. Traditioneel onderzoek zet een probleem centraal en zoekt manieren om het probleem op te lossen; door te trainen op wat er niet goed gaat, of door het elimineren van een probleem; de zgn’ deficit-oriented approach’ of probleemgerichte benadering.

Waarderend onderzoek gaat uit van:
Waarderend onderzoek gaat uit van het principe ‘leren van het verleden, ontwikkelen op successen, krachten en gedeelde waardes’. Het gaat uit van het resultaat, waar willen we naartoe, en van de krachten in de organisatie in plaats van de tekortkomingen. Wat willen we WEL? Dat wil niet zeggen dat het onderzoek en de bevindingen niet kritisch zijn, of niet benoemen wat er niet goed gaat; de focus is echter bewust ontwikkelings- en oplossingsgericht. Daarmee is zij duurzamer, kent meer doorwerking , dan puur traditioneel onderzoek. Daarmee draagt zij voor Rekenkamer(Commissie)’s meer bij aan de ondersteuning van de kaderstellende rol van de Raad.
De onderzoeksaanpak kent 5 fases ( de 5 V’s):
Deze stappen worden idealiter met het gehele systeem, alle betrokken actoren doorlopen.
De allereerste aanpakken in de USA kende 4 fasen ( 4D’s):
Voor (lokale) Rekenkamer(Commissie)s is een tussenvorm van AI , genoemd de ‘waarderende benadering’ direkt toepasbaar.

Figuur 2: naar: ‘waarderend auditen bij de RAD, katalysator voor verbetering’. L. Zarrou, R. Kalker & M. De Zeeuw, 2010.
Voor de toepassing voor lokale rekenkamers is het toepassen van de waarderende benadering kritisch en tevens ontwikkelings- en oplossingsgericht. Daarmee is zij duurzamer, kent meer doorwerking , dan puur traditioneel onderzoek. Zij voldoet daarmee aan aanbevelingen uit de evaluatie van lokale rekenkamercommissies (rapport Berenschot).
Waarderend Onderzoeken voor lokaal rekenkameronderzoek, is door Drs Lydia Zwier geconcretiseerd in het model met 6 fasen (6 V’s):

Andere toepassingen van AI-methoden, als aanvulling op traditionele onderzoeken met langere doorlooptijden, bij (lokale) Rekenkamer(commissie)s kunnen o.a. zijn:
Auteur: Drs Lydia M.D. Zwier-Kentie – november 2012
Het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) schrijft een weerstandsvermogen voor als ratio tussen de beschikbare weerstandscapaciteit en het totaal aan gekwantificeerde risico’s, waar geen beheersmaatregelen tegenover staan. Bij de berekening van beide elementen is het van belang om hierin compleet te zijn. Alle componenten van de weerstandscapaciteit dienen te worden meegenomen (incidenteel en structureel). De risicoanalyse dient ingebed te worden in een gemeentebreed risicomanagement, teneinde een goed zicht te krijgen op de afgedekte risico’s (als onderdeel van de reguliere bedrijfsvoering) en de niet afgedekte risico’s (als onderdeel van het weerstandsvermogen). Tot slot dienen alle financiële gegevens te voldoen aan het zogenoemde voorzichtigheidsvereiste.
Volgens artikel 11 van de BBV bestaat het weerstandsvermogen uit de relatie tussen:
Verder stelt het BBV dat:
De paragraaf betreffende het weerstandsvermogen ten minste bevat:
Belangrijk is dat het BBV het weerstandsvermogen nadrukkelijk heeft gedefinieerd als een ratio. Deze ratio beschrijft de relatie tussen de weerstandscapaciteit en de (gekwantificeerde) risico’s, waarvoor geen maatregelen zijn getroffen. Alvorens verder op deze ratio in te gaan is het goed om eerst beide componenten zo scherp mogelijk te omschrijven.
Het BBV omschrijft de weerstandscapaciteit als zijnde de middelen en mogelijkheden waarover de gemeente beschikt of kan beschikken om niet begrote kosten te dekken. Dit laatste houdt in dat de Minister een duidelijk onderscheid maakt tussen begrote kosten, dat wil zeggen kosten die deel uitmaken van de begroting en meerjarencijfers, en niet-begrote kosten.
Tevens maakt het BBV onderscheid tussen incidentele en structurele weerstandscapaciteit, waarbij onder de incidentele weerstandscapaciteit wordt verstaan het vermogen om onverwachte incidentele tegenvallers op te kunnen vangen, zonder dat dit invloed heeft op de voortzetting van taken op het geldende niveau.
De middelen die dat vermogen bepalen zijn:
De structurele weerstandscapaciteit heeft betrekking op het vermogen om onverwachte tegenvallers structureel in de lopende begroting op te vangen, zonder dat dit ten koste gaat van de uitvoering van bestaande taken. De middelen die dat vermogen bepalen zijn:
Reserves maken deel uit van de beschikbare weerstandscapaciteit. De algemene reserve is vrij aanwendbaar voor nieuw beleid (of het opvangen van tegenvallers in het jaarresultaat). Bestemmingsreserves zijn daarentegen reserves waar de raad een bepaalde bestemming aan heeft gegeven. Bij een bestemmingsreserve is weliswaar sprake van een vastgelegde toekomstige onttrekking, maar er bestaat op dat moment nog geen verplichting. De raad heeft dan ook alle mogelijkheid om de bestemming van deze reserves te wijzigen.
De totale beschikbare weerstandscapaciteit bestaat derhalve uit de opsomming van alle voornoemde elementen van de incidentele en structurele weerstandscapaciteit.
Een bijzondere categorie vormen de zogenoemde voorzieningen. Voorzieningen zijn afgezonderde vermogensbestanddelen die gevormd worden wegens:
Deze definitie impliceert dat voorzieningen geen deel uitmaken van de beschikbare weerstandscapaciteit, omdat er sprake is van reeds aangegane verplichtingen, dan wel van risico’s met een hoge mate van waarschijnlijkheid.
Het tweede element van het weerstandsvermogen bestaat uit de benodigde weerstandscapaciteit op basis van de gemeentebreed geïnventariseerde en gekwantificeerde risico’s, waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die een materieel financieel belang hebben. Risico wordt daarbij gedefinieerd als een mogelijke belemmering voor het behalen van (operationele en strategische) doelstellingen. De omvang van het risico wordt bepaald door de mate van waarschijnlijkheid (kans) en de (gekwantificeerde) impact (op de doelstellingen). De basis voor het inventariseren, kwantificeren en beheersen van deze risico’s ligt in het risicomanagement. Goed uitgevoerd risicomanagement voorkomt daarmee tevens dat het weerstandsvermogen (te) fors oploopt, omdat de meeste reguliere risico’s in het kader van het risicomanagement pro-actief worden herkend en worden afgedekt met beheersmaatregelen.
Voor de wijze waarop het risicomanagement wordt geïmplementeerd kan gebruik worden gemaakt van breed toegepaste en geaccepteerde richtlijnen als COSO en ISO 31000.
Tevens is van belang dat risicomanagement een vast onderdeel vormt van de reguliere planning en controlcyclus, waardoor snel zicht kan worden geboden op mogelijke risico’s en daarmee in een vroeg stadium al beheersmaatregelen kunnen worden genomen. Feitelijk vormt deze sturingsdimensie het logische verlengstuk van de berekening en de omvang van het weerstandsvermogen.
Het weerstandsvermogen bestaat zoals gezegd uit de relatie tussen de beschikbare weerstandscapaciteit en de voor de afdekking van de risico’s benodigde weerstandscapaciteit. De benodigde weerstandscapaciteit wordt bepaald door het risicoprofiel van de gemeente als geheel, waarbij de waarschijnlijkheid en de omvang/ impact van elk risico afzonderlijk is gewaardeerd en gekwantificeerd. De relatie wordt meestal uitgedrukt in een verhoudingsgetal, waarbij normaliter gestreefd zou moeten worden naar een ratio weerstandsvermogen van minimaal 1,0.
Aan financiële gegevens, die in de begroting worden meegenomen worden nadrukkelijk eisen gesteld. In de ‘circulaire nadere informatie BBV gemeenten’ worden eisen gesteld aan transparantie, toerekening en aan voorzichtigheid. Het voorzichtigheidsprincipe is noodzakelijk omdat bij het opstellen van de begroting en de jaarrekening zich altijd onzekerheden voordoen. Bij de begroting gaat het om ramingen die per definitie een zekere mate van onzekerheid kennen. Het voorzichtigheidsvereiste houdt onder meer in dat risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar in acht moeten worden genomen als zij vóór het opmaken van de jaarrekening bekend zijn.
Initiator: Paul Hofstra
Wat is relevant bij Rekenkameronderzoek naar bijstandsverlening en re-integratie, een taak die de gemeente uitvoert in het kader van de Wet Werken en Bijstand (WBB).
Het algemene doel van WWB is :
Re-integratie en bijstandsverlening heeft een groot maatschappelijk en financieel belang.
Het Rijk stelt de gemeenten langs drie kanalen financiële middelen ter beschikking: :
Samen gaat het om circa €9 miljard. Omdat de problematiek ongelijk over de gemeenten is verdeeld, lopen de bedragen per gemeente sterk uit een, maar voor de meeste gemeenten gaat het om aanzienlijke bedragen.
Bij een breed onderwerp als dit zijn dat er teveel om op te noemen.
Voor de re-integratie verwijzen wij naar de algemene informatie hieronder.
Onderwerpen rond bijstandsverlening kunnen zijn:
Bij uitvoeringskosten kunt u denken aan formatie, ict-kosten, kosten per geval (gemiddelde prijs), en benchmarking.
Tot slot kan ook worden onderzocht hoe de gemeente zich op nieuwe beleidsitems voorbereidt (WWNV, wachttijd beneden 27 jarigen, het vragen van een tegenprestatie).
Rekenkameronderzoek is een bij wet duidelijk afgebakend terrein. Volgens artikel 182 Gemeentewet onderzoekt de rekenkamer(commissie) de doelmatigheid, doeltreffendheid en de rechtmatigheid van het door het gemeentebestuur gevoerde bestuur.
Een door de rekenkamer(commissie) ingesteld onderzoek naar de rechtmatigheid van het door het gemeentebestuur gevoerde bestuur is per definitie geen controle van de jaarrekening. Dat is het werkterrein van de accountant, die door de raad daarvoor is ingehuurd.
De breedte van het onderzoeksdomein maakt dat van rekenkameronderzoekers een generalistische instelling verwacht mag worden: ze ‘moeten van alle markten thuis zijn’. Te veel specifiek gerichte vakkennis en ervaring kan contraproductief zijn omdat dit tot de neiging kan leiden om vakjargon en de standaardaanpak op het eigen vakgebied teveel als vanzelfsprekend te beschouwen.
De rekenkamer bepaalt de eigen onderzoeksagenda. Maar de raad mag van de wetgever een formeel verzoek indienen bij de rekenkamer(commissie). Een formeel verzoek van de raad is geen geheel vrijblijvende aangelegenheid. Maar, de raad kan géén opdracht geven aan de rekenkamer tot het uitvoeren van een onderzoek.
Het is van belang dat er goede afspraken zijn over de manier waarop een formeel verzoek van de raad kan plaatsvinden. Bijvoorbeeld:
Het is de rekenkamer zelf die beslist of wordt ingegaan op een verzoek. Hiervoor kan de rekenkamer gebruik maken van beoordelingscriteria voor een verzoek om rekenkameronderzoek.
Uiteraard is een goede motivering om te beoordelen of het onderwerp onderzoekswaardig is voor de rekenkamer(commissie) van belang. Aangeraden wordt hiervoor regels vast te leggen, bijvoorbeeld in de verordening. Deze regels zijn de basis voor de motivering van het al dan niet honoreren van een verzoek van de raad.
Redenen om niet in te gaan op een verzoek van de raad kunnen bijvoorbeeld zijn dat het onderwerp niet past binnen de taakopdracht of de bevoegdheden van de rekenkamer(commissie), het onderwerp te politiek van aard is of dat het onderwerp niet te onderzoeken is (te groot, te vage vraagstelling etc.). In het laatste geval ligt het voor de hand dat de rekenkamer(commissie) in overleg treedt met de raad om te bekijken of er tot een betere onderzoeksvraagstelling gekomen kan worden.
Het is mogelijk en wenselijk dat de rekenkamer(commissie) suggesties voor onderzoeksonderwerpen ontvangt van derden zoals raad(sfracties), het college, individuele burgers of belangengroepen. Naar verwachting zal de behoefte van het college om suggesties te doen in de praktijk niet groot zijn. Het college heeft immers zijn eigen onderzoeksbevoegdheid (o.a. 213a).
Inbreng van derden is van belang voor de diversiteit en relevantie van onderwerpen. De rekenkamer(commissie) kan actief suggesties van burgers of maatschappelijke organisaties vragen en / of het indienen van suggesties gemakkelijker maken. Bijvoorbeeld:
Het is de rekenkamer zelf die beslist of wordt ingegaan op een verzoek. Hiervoor kan de rekenkamer gebruik maken van selectiecriteria voor een verzoek om rekenkameronderzoek.
De rekenkamer(commissie) zal selectief om moeten gaan met ontvangen suggesties van derden. Daarom zal de rekenkamer eisen moeten stellen aan de suggesties die zij in overweging wil nemen.
Als een vraag niet relevant of onderzoekbaar is voor de rekenkamer (commissie) kan zij de vraag doorspelen aan bijvoorbeeld de ombudsman of – met toestemming van de vragensteller! – aan een gemeentelijke dienst.
Ook kan de rekenkamer een concreet verzoek in een bredere context plaatsen en vervolgens onderzoek verrichten naar die bredere problematiek.